EEN LANGE GESCHIEDENIS

Laatst had iemand de euvele hoed
om me een dissident te noemen. Nou vraag ik je!

Ik ben een praktische beoefenaar
van serieuze levenskunst die de dichter

een karaokebar vindt waarin iedereen
waggel is en niemand luistert. 

Onder de winterharde palmboom
een opeenstapeling van bundels en

missers. Alles zit in de war.
Kinderen lopen als vergeten en verlaten 

over het strand rond. Ouders zijn ingezet
voor grensbewaking en tegen

hoge waterstanden. Achter gelaagd glas
het opperen van homerische vergelijkingen.

- Ton van ’t Hof
GLOEIENDE WANGEN

Omdat vriendschappen en het edele vocht
gisteravond rijkelijk hadden gebloeid
was het vanochtend gammelen geblazen.
Dus een verplichte wandeling

over het adelijke landgoed wijl het licht zegende.
We liepen hand in hand, monkelend, volrijp, hoe ouder
hoe gekker. Gevogelte
in herfstschakeringen, links en rechts

neerdwarrelende confetti.
Zo’n bad verkwikt je. De gebeurtenis trekt je
als het ware naar zich toe en omhelst je.

Waarna het werk kon worden hervat,
de voortkabbelende kompaan. Op de meet het laven
van porties kibbeling.

– Ton van ’t Hof
Oentsjerk, 2019 © Ton van ’t Hof

John Ashbery: ‘At North Farm’, uit de bundel A Wave (1984)

OP HOEVE NOORD

Ergens is iemand verwoed naar je onderweg,
In vliegende vaart, dag en nacht reizend,
Door sneeuwstormen en verzengende hitte, over woelig water
    en nauwe passen.
Maar zal hij je weten te vinden,
Je herkennen wanneer hij je ziet,
Je het ding geven dat hij voor jou bij zich heeft?

Hier groeit nauwelijks iets,
Maar de graanschuren barsten van het meel,
De zakken meel liggen tot de nok toe opgestapeld.
De beekjes brengen zoete klanken voort, vette vis;
Vogels verduisteren de lucht. Volstaat het
Dat ’s nachts de kan melk wordt klaargezet,
Dat we soms aan hem denken,
Soms en altijd, met gemengde gevoelens?

– John Ashbery

Hoewel ‘At North Farm’ een vlotlezend gedicht is, is het zuinig met informatie en roept daarom vragen op, waaronder: Wie is de reiziger? Naar wie is hij onderweg en waarom? Wat heeft de reiziger bij zich? En waarom wordt er met gemengde gevoelens aan hem gedacht?

Maar, zoals zo vaak, is ook dit vers niet volledig aan Ashbery’s verbeelding ontsproten en heeft het tevens wortels daarbuiten, in dit geval, volgens diverse bronnen, het Finse epos Kalevala, een heroïsch drama vol avonturen en dappere daden.

Terugkerende thema’s in de Kalevala zijn de zoektocht naar een bruid en de strijd om een magisch voorwerp dat geluk brengt. In een van de verhaallijnen van het epos wordt een dochter door haar boosaardige moeder uitgehuwelijkt in ruil voor dat magische voorwerp. Mogelijk verwijst ‘At North Farm’ specifiek naar deze gebeurtenis. De ‘we’ en de ‘gemengde gevoelens’ in de afsluitende regels worden dan heel begrijpelijk.

Mits wat speurwerk wordt verricht hoeft een Ashbery vers niet mysterieus te blijven.

‘polis is / eyes’

Charles Olson

Trachtte vanochtend het verdienmodel van Bazarow te doorgronden. Bazarow is een boekensite die zich van bol.com onderscheidt door de toevoeging van een ideële dimensie aan zijn reden van bestaan: een deel van ‘de netto-opbrengst’ wordt teruggegeven aan schrijvers en vertalers.

Wat ‘teruggeefkapitalisme’ wordt genoemd. Versus ‘roofkapitalisme’. Hoe verzin je het. (Aan de brainstormtafel natuurlijk!)

Netto-opbrengst: ‘De opbrengsten van een verkoop, na aftrek van transactiekosten.’

Transactiekosten: ‘De kosten die verband houden met een transactie, zoals provisies betaald aan tussenpersonen, brokers, adviseurs en handelaren, heffingen van effectenbeurzen en toezichthouders, en overdrachts- en andere belastingen. Deze kosten komen bovenop de prijs die betaald moet worden voor het verhandelen van een product of dienst. Hoe lager de transactiekosten, des te efficiënter het prijsvormingsmechanisme.’

Het honorarium dat wordt getoucheerd door ‘team Bazarow’ behoort tot de transactiekosten.

Dat wat overblijft voor schrijvers en vertalers is o.a. afhankelijk van wat ‘team Bazarow’ wordt toebedeeld. (Door wie?)

Er moeten dus veel (heel veel?) boeken worden verkocht door Bazarow – ‘de winstmarges op boeken zijn klein’ – wil er een bedrag van enige betekenis overblijven voor de individuele schrijver of vertaler.

Laat staan dat er iemand dankzij Bazarow ‘van de pen’ zou kunnen leven, zoals oprichter Roeland Dobbelaer in de krant van vandaag bij slagen van dit initiatief belooft.

Verkooppraatjes? Kapitalistische annexatie van het ideële domein?

Bomen gaan dood, vogels verdwijnen, ook door toedoen van de mens. Sommigen zal dat worst wezen. Ze kunnen er beter mee leven dan met een lagere snelheidslimiet. Daar verbaas ik me over. Ik hecht wel waarde aan flora en fauna, en houd me mede daarom bezig met het verkleinen van mijn ecologische footprint.

Mary Oliver, die begin dit jaar op 83-jarige leeftijd overleed, wandelde graag door de bossen en langs de meren en zee nabij haar huis in Provincetown, waar ze lang woonde. De natuur was haar grootste inspiratiebron. Ze behoorde en behoort nog tot de best verkopende dichters in de VS.

In onderstaande lofzang beschrijft ze hoe bomen haar konden bezielen:

ALS IK TUSSEN BOMEN STA

Als ik tussen bomen sta,
vooral wilgen en valse christusdoornen,
maar ook beuken, eiken en dennen,
stralen ze zoveel blijdschap uit.
Ik zou haast zeggen dat ze me redden, dagelijks.
Ik durf nauwelijks meer te hopen op mezelf,
de ik die goed is en onderscheidingsvermogen heeft
en zich niet voortdurend laat opjagen,
maar langzaam loopt en vaak vooroverbuigt.
Rond me ritselen de bomen hun bladeren
en roepen: ‘Blijf even.’
Hun takken geven licht.
En ze roepen nog eens: ‘Het is eenvoudig,’ zeggen ze,
‘en jij bent ook ter wereld gekomen
om dit te doen, te ontspannen, te worden opgeladen
met licht en te schitteren.’

– Mary Oliver
Aalten, 2019 © Ton van ’t Hof

Zag vanochtend twee dichtbundels op de top 10 prijken van ‘de best verkochte boeken via boekwinkeltjes.nl in de eerste week van november’: Verzamelde gedichten van Martinus Nijhoff op 2 en Gedichten van Frans Bastiaanse op 5.

Boekwinkeltjes.nl is Neerlands grootste digitale marktplaats voor tweedehands boeken.

Frans Bastiaanse? Nooit van gehoord. Omdat het aantal verkochte exemplaren niet vermeld staat, weet ik niet of er sprake is van een hype of een samenloop van omstandigheden (twee of drie mensen bijvoorbeeld, die stomtoevallig vorige week deze bundel van Bastiaanse kochten).

Naast zijn bibliografie verstrekt Wikipedia nog de volgende informatie: ‘Wilhelm Ange François (Frans) Bastiaanse (Utrecht, 14 mei 1868 – Amsterdam, 12 juni 1947) was een Nederlands dichter. Bastiaanse studeerde in Utrecht en was lange tijd leraar Nederlands te Hilversum. Hij is bekend om zijn impressionistische natuur- en liefdeslyriek.’

Komrij nam drie gedichten van hem op, waaronder deze:

‘Als ze de middelbare leeftijd bereiken krijgen grote dichters historisch gezien vaak last van periodes waarin het schrijven maar niet vlotten wil.’

Paul Muldoon

Van middelbare leeftijd: ca. 40-60 jaar.

Moment waarop
een frisse bries de lucht breekt
en jij fel bent op een stem die klinkt
als je eigen stem maar je hebt eerlijk gezegd
geen flauw idee. Je bent al wel
de zestig gepasseerd. Dan de dorst
naar een glas rode wijn.

Waarna ik proostte op alle ‘oeuvrebouwers’ aan wie onlangs projectsubsidie is verleend. Bespeurde een klein aantal nieuwe subsidieontvangers.

‘De kunstenaar wordt niet alleen uitgedaagd om het jachtige heden te beschrijven, maar ook om inzicht te verkrijgen in wie we in het hier en nu zijn, om te onderzoeken wat ons bindt en om vervolgens de vraag te beantwoorden: En hoe dan te leven?’

Philip Metres

‘Sommigen van ons lezen of schrijven niet zozeer voor hun plezier of met het oog op onderricht, maar om te veranderen, te beteren, zich op te laden.’

C.D. Wright

‘Weet je, het lijkt erop dat mensen nagenoeg alles liever doen dan een gedicht lezen en verwerken. Een uiteenzetting van de dichter over wat hij ermee bedoelt, wordt als zeer leerzaam beschouwd, maar mijn punt is dat die echt niemand helpt, omdat zij slechts een parafrase op afstand is.’

John Ashbery
ONTSTAANSGESCHIEDENIS


Dat ik uit liefde geboren ben
doet er toch toe?
fluistert het vers in je oor.
In de marge vind je de aantekening terug
waaruit hij is voortgekomen:
‘de gelegenheid van het gedicht doet ertoe’.
Je loopt de tuin in en verbaast je
over de grote hoeveelheid bloemen die nog bloeien
in de najaarskou; hier worden taken met liefde
vervuld, hier heerst geen toestand van onzekerheid
over het eigen zijn. Je weet het,
dat de situatie je vormt
zodra je erin geraakt. Op de vraag
wat je in je poëzie kwijt kan
antwoordde je ooit, om interessant te doen,
diepgang, waar liefde nu
alles op zijn plaats zou laten vallen.
In je ooghoek wipt een vogel
naar de schrompelige druiventros
die daar speciaal voor hem is blijven hangen.

– Ton van ’t Hof
AFGELEGEN GEBIED


Hé, jij! Wat doe je
hier? De weg kwijtgeraakt?
Kom binnen. Je bent drijfnat. En er rijden
narrige tractoren rond. Je bevindt je in een uithoek
van de poëzie, waar je wolken kunt zien hangen
o! als slagschepen zo groot en je vriend
en vijand niet hoeft te typecasten;
dingen mogen nog vanzelf ontstaan.
En ook in dit huis wordt oorlog verafschuwd
en het leven
gevierd, maar het heeft geen program
waarnaar je je kunt richten.
Glaasje whisky? Weet je, de vrijheid behoort ons
zoals zij tot vogels behoort
die op kliffen broeden.
Niemand hier wil de wijze veranderen waarop jij
de wereld tegemoet treedt, want ach,
als het goed is
word je straks automatisch
toch wel weer op je bestaan teruggeworpen.

– Ton van ’t Hof